4+4= 16

Door
31 augustus 2013
Reacties (2)

Het eerste dat je zo’n beetje op school leert: 1+1=2. Zelfs iemand met een IQ van 50 kun je dat bijbrengen. Merkwaardig dat beleidsambtenaren en politici, vooral uit de hoek waar ze denken dat de samenleving maakbaar is, een rotsvast geloof hebben ontwikkeld in 1+1=3. Je voegt twee dingen samen, zeg de gemeente Dordrecht en de gemeente Zwijndrecht, en je krijgt een meerwaarde, vertaald in een zak vol veronderstelde voordelen. 1+1=3. Voeg je nog meer gemeenten samen, tot een Drechtstad, dan schrijft het geloof voor dat het rekensommetje 3+3=12 of 4+4=16 wordt. Een van de belangrijkste propagandisten van deze religie is onze minister van binnenlandse zaken, Ronald Plasterk, met zijn opvatting dat als je provincies samenvoegt, Nederland verandert in een bestuurlijk paradijs.

In Dordrecht kampen we al decennia met dat soort fantasten en dat hebben we geweten. In 1977 werd ik leraar aan mavo-Krispijn. Een overzichtelijke school met ongeveer 450 leerlingen, een goede sfeer en prima resultaten. Er waren scholen waar het minder goed mee ging. Dat waren de lbo-scholen. Ten onrechte ontstond in de jaren ’80 het geloof dat iedereen naar het gymnasium moest en als dat niet lukte naar iets zo hoog mogelijk daar onder. Dat er ook nog mensen moesten zijn om de motor van de auto te repareren, daar werd even minder aan gedacht.

Om het lbo te redden bedachten enkele rekenblinde ambtenaren op het stadskantoor dat de lbo-scholen maar samen moesten gaan met de scholen voor avo. 3+3=12. Alle problemen zouden daardoor worden opgelost. Wethouder Meelker kwam blakend van zelfvertrouwen vertellen dat mavo-Krispijn na de fusie binnen een paar jaar meer dan negenhonderd leerlingen zou hebben. Niemand, behalve het gemeentebestuur en die ambtelijke rekenwonders, waren voor de fusie, dus ging hij door. Weinige jaren later had de fusieschool, De Dordtse Waard (door sommige leraren Het Dode Paard genoemd) nog geen driehonderd leerlingen over. In de jaren daarop volgde een groot aantal fusies, allemaal onder het mom het lbo (later vmbo) te redden, de kwaliteit van het onderwijs te verhogen en de kosten te drukken.

We zijn decennia later. De vmbo/lbo tak van de fusieschool die uiteindelijk ontstond, gevestigd in een mooi, maar veel te prestigieus en duur gebouw op het leerpark, lijdt nog steeds een kommervol bestaan, waardoor het de financiële molensteen om de nek van het het Stedelijk Dalton Lyceum is. De keuze voor ouders in Dordrecht is verschrompeld tot een minimaal aantal middelbare scholen, de problemen van bijna veertig jaar geleden zijn in essentie niet opgelost en vraag me niet of de kosten minder zijn geworden, want voor het antwoord daarop hoef je niet eens te kunnen rekenen.

4+4=16. Zou de fractie WEK in de gemeenteraad daar aan hebben gedacht toen zij vorige week in een persbericht waarschuwde dat de vergroting van de samenwerking van Dordrecht en de andere Drechtsteden vooral leidt tot verhoging van de kosten? De angst voor een toekomstige fusie in de Drechtstreek klinkt er in door. Een angst die, met de geschiedenis van het Dordtse onderwijs voor ogen, misschien wel eens gegrond zou kunnen zijn.

 

Leuk artikel? Deel het met anderen: