Had gekund

Door
25 december 2014
Reacties (0)

Terwijl ik een oliebol uitpoep, besef ik me dat ik mijn laatste stukje van het jaar moet schrijven. Dan kan ik wel weer een kerstrecept plaatsen, over hoe je een taaitaaipop maakt van xtc-pillen, maar dat is zo afgezaagd. Ook een vooruitblik op 2015 spreekt me geenszins aan. Een terugblik op 2014, dat is natuurlijk veel leuker. Vandaar dat ik presenteer: het jaaroverzicht van hoe 2014 had kunnen zijn!

Het jaar begon, zoals zo vaak, in januari. En koud dat het was! Echt zo’n ouderwetse winter, met ijspegels aan je ballen je ruiten krabben ‘s ochtends, heerlijk. Kinderen vrolijk schaatsend op het ijs, terwijl de Marokkanen langs de kant, want schaatsen hebben ze niet, met stokken het ijs aan het slopen zijn, je kent het wel. Ook voor de volwassenen genoeg winterpret. Jeugdherinneringen ophalen door je achtjarige buurmeisje in te zepen op de stoep. “Pak aan trut! Haha, ja ga maar janken bij je moeder. Hoeerrrrr!” De jeugd van nu is de jeugd van toen niet meer. Man, vroeger, vroeger moest je eens ingezeept worden door je buurman, dan was het oorlog. Ik weet nog goed hoe buurman Peter mij buiten aan het opwachten was. Mijn moeder stuurde mij alvast naar buiten, het was tijd om naar school te gaan. Het was donker en koud, en terwijl ik mijn wanten nog aan het aantrekken was, kwam de buurman met een sliding aanglijden. Terwijl hij met gestrekte benen op mijn beiden knieën inkwam, ging ik kermend van de pijn naar de grond. De buurman pakte mijn achterhoofd beet en beukte mijn gezicht met grof geweld in de sneeuw. “Hier kutjong, dit is inzepen jongen, hoppa pats pats pats, en een fijne kerst!” Toen mijn moeder naar buiten kwam was mijn buurman alweer verdwenen. “Och jongen, ben je gevallen, je gezicht onder het bloed. Kom gauw naar binnen. Wat, kun je niet meer lopen? Wat is er met je knietjes gebeurd, je schijven zitten scheef. Ach schat, wat sneu, snel naar binnen”. Ik zei niks tegen mijn moeder over die klootzak. Zo ging dat vroeger. Je was acht jaar, maar je was van de straat dus verklikken was er niet bij. Nee, dit zou je zelf wel oplossen. Die buurman heeft zojuist zijn eigen doodvonnis getekend. Een plan werd beraamd.

Hoe ik het uiteindelijk heb aangepakt weet ik niet meer, het is al veel biertjes geleden, maar twee weken later was mijn buurman in ieder geval hartstikke dood. Dat was pas winterpret. Nee, die kutjong van tegenwoordig snappen dat niet. Vroeger was alles sowieso beter. Het water uit de kraan smaakte ook anders. Alles smaakte anders. Flappie met kerst smaakte anders. Mijn eerste krat pils, toen ik negen jaar was, smaakte ook anders. Tegenwoordig draai ik me hand er niet voor om. Smaakt nergens naar, die zooi. Je zuipt het, want je zit thuis alleen op de bank met kerst, maar om nou te zeggen dat het nog speciaal is, nee. Je vreet ook uit blik, want je bent alleen. Mijn voorraadkast staat vol blikken vreten, je went eraan. Wie moet er wat van zeggen? Niemand komt langs. Je ziet niemand. Werken lukt ook al niet, ze moeten je niet. Je drinkt, en je rug is zwak, het zit niet mee. Je wil wel veranderen maar het is zo moeilijk. Het is makkelijker lekker een pilsie open te trekken. Het smaakt toch zo rot niet als ik net deed voorkomen. Dit jaar probeerde ik te stoppen. Stoppen met zuipen en starten met werken. En me mengen in de samenleving. Maar het is niet gelukt. 2014 had het jaar moeten worden, maar het is weer kutjaar geworden. Dit jaar had ik mezelf kunnen laten zien, mezelf gelukkig kunnen maken. Een baan kunnen vinden, een vrouwtje, een doel in het leven. Tja, het had gekund. Volgend jaar dan maar weer, nieuwe ronde, nieuwe kansen. En een hele fijne kerst allemaal.

Leuk artikel? Deel het met anderen: